Hoe noteert u een zinknorm?
Een coating-aanduiding zoals Fe//Zn8//Cn//T0 lijkt cryptisch, maar volgt een vaste opbouw. Op deze pagina leest u hoe u zo'n aanduiding leest en opstelt, met een hulpmiddel dat de notatie voor u opbouwt.
Direct naar de Zinknorm-builderDe opbouw van een aanduiding
Een aanduiding voor elektrolytisch (galvanisch) verzinken wordt opgebouwd uit het basismateriaal, de laagdikte van het zink, de passivering (conversielaag) en een eventuele nabehandeling. De gebruikte norm bepaalt zowel de codes als het scheidingsteken.
Basismateriaal
De ondergrond. Voor staal is dit Fe (van ferrum, ijzer).
Laagdikte zink
De minimale zinklaag in micrometer, bijvoorbeeld Zn8 of Zn12.
Passivering
De conversielaag die de corrosieweerstand verhoogt, met een lettercode.
Nabehandeling
Een eventuele sealer of top coat, aangeduid met een T-code.
Twee normen, twee notaties. DIN EN ISO 19598 beschrijft Cr(VI)-vrije passiveringen en gebruikt een dubbele schuine streep (//) met de codes An, Cn en Fn. ISO 2081 beschrijft chromaat-conversielagen en gebruikt een enkele schuine streep (/) met de codes A, B, C, D en F. Gebruik de codes en scheidingstekens van één norm; meng ze niet.
Codes per norm
Laagdikte zink
De laagdikte wordt genoteerd als Zn gevolgd door de minimale laagdikte in micrometer. De vereiste waarde voor uw onderdeel staat op uw tekening of in het bestek.
| Notatie | Minimale laagdikte |
|---|---|
Zn5 | 5 µm |
Zn8 | 8 µm |
Zn12 | 12 µm |
Zn15 | 15 µm |
Zn20 / Zn25 | 20 / 25 µm |
Bij De Vries verzinken wij elektrolytisch (galvanisch). De laagdikte is altijd de minimale lokale laagdikte op het functionele oppervlak.
Passivering volgens DIN EN ISO 19598 (Cr(VI)-vrij)
Cr(VI)-vrije passiveringen, genoteerd met dubbele streep (//).
| Code | Passivering |
|---|---|
An | Transparant, kleurloos tot licht iriserend (dunfilm-passivering) |
Cn | Iriserend, gekleurd (dikfilm-passivering) |
Fn | Zwart |
Bron: DIN EN ISO 19598:2017, Tabel 2. Geldt voor Zn, ZnFe en ZnNi.
Conversielaag volgens ISO 2081 (chromaat)
Chromaat-conversielagen, genoteerd met enkele streep (/).
| Code | Conversielaag |
|---|---|
A | Blank (transparant, helder tot blauwig) |
B | Gebleekt (transparant met lichte iriserende glans) |
C | Iriserend (geel iriserend) |
D | Olijfgroen |
F | Zwart |
Bron: ISO 2081:2018, Tabel A.1. De norm koppelt D en F van oudsher aan zeswaardig chroom (Cr(VI)), maar er zijn inmiddels ook Cr(VI)-vrije alternatieven. Voor Cr(VI)-vrij zwart gebruikt u bijvoorbeeld Fn volgens ISO 19598.
Sealers en top coats
Na het passiveren kan een aanvullende laag worden aangebracht die de corrosieweerstand verder verhoogt. De norm bepaalt de codes en wat de laag inhoudt.
Nabehandeling volgens DIN EN ISO 19598
ISO 19598 onderscheidt een dunne sealer en een dikkere top coat:
- Een sealer (verzegeling) verhoogt de corrosieweerstand en is doorgaans tot circa 2 µm dik. De laag bestaat uit Cr(VI)-vrije organische en/of anorganische verbindingen. Lagen die met koude reinigingsmiddelen verwijderbaar zijn (olie, vet, was) gelden niet als sealer.
- Een top coat (deklaag) is doorgaans dikker dan 2 µm, is een Cr(VI)-vrije organische coating en moet soms bij verhoogde temperatuur uitharden. Bij zwarte passivering verhoogt een nadip bovendien de corrosieweerstand en verdiept deze de kleur.
- De aanduiding nL of yL geeft aan of er een smeermiddel is geïntegreerd (zonder of met). Ter achtergrond (dit staat niet in de norm): een geïntegreerd smeermiddel beïnvloedt de wrijving, en daarmee het aandraai- en montagegedrag van bouten.
Bij De Vries ST: wij passen T2yL toe, een sealer met geïntegreerd smeermiddel.
| Code | Betekenis |
|---|---|
T0 | Geen sealer |
T2 | Sealer (optioneel nL/yL) |
T7 | Top coat (optioneel nL/yL) |
Tx | Sealer naar keuze van de verzinker |
Bron: DIN EN ISO 19598:2017, Tabel 3.
Aanvullende behandeling volgens ISO 2081
Onder ISO 2081 kan de conversielaag worden voorzien van een sealer (organische of anorganische producten in de chromaatfilm), wat ook de bestandheid tegen hogere temperaturen verhoogt. Overige aanvullende behandelingen krijgen een eigen code:
| Code | Behandeling |
|---|---|
T1 | Lak, vernis, poedercoat of vergelijkbare coating |
T2 | Organische of anorganische sealer |
T3 | Organische kleurstof |
T4 | Vet, olie of ander smeermiddel |
Bron: ISO 2081:2018, Annex A (Tabel A.2). In ISO 2081 staat T2 specifiek voor een organische sealer.
Zinknorm-builder
Stel de aanduiding samen door de onderdelen te kiezen. De notatie wordt rechts live opgebouwd, klaar om te kopieren naar uw tekening of bestelling.
De ondergrond waarop verzinkt wordt.
Voor hooggesterkte delen (treksterkte ≥ 1000 MPa), ter voorkoming van scheurvorming.
Minimale lokale zinklaag in micrometer.
Tegen waterstofbrosheid bij hooggesterkte of geharde delen, kort na het verzinken.
Bepaalt kleur en corrosieweerstand.
Eventuele sealer, top coat of andere behandeling.
Alleen relevant bij een sealer of top coat (ISO 19598).
Uw keuze uitgelegd
Niet zeker welke aanduiding u nodig heeft?
Stuur ons uw tekening of vraag, dan adviseren wij over laagdikte, passivering en nabehandeling die passen bij uw toepassing.
Offerte aanvragen